Jamila Ait Lamkadem

Interview met Jamila Ait Lamkadem 6 maart 2017

Wie ben je?

“Ik ben Jamila, 27 jaar. Ik ben opgegroeid in Amsterdam Nieuw West waar ik nog steeds woon en als het aan mij ligt woon ik hier for ever! Ik voel me echt een Amsterdamse omdat ik me verbonden voel met de stad en de mensen”.

“Ik kom uit een groot gezin van acht kinderen, vijf broers en twee zussen: ik ben nummer zes. Een grote familie dus met inmiddels ook veel nichtjes en neefjes. Familie is heel erg belangrijk voor me, wij betrekken elkaar en zijn altijd behulpzaam naar elkaar. Behalve familie is het geloof ook belangrijk, ik hecht daar veel waarde aan, het biedt houvast voor mij. Het geloof is een essentieel onderdeel in mijn leven”.

“In 2012 studeerde ik af aan de Hogeschool van Amsterdam, Maatschappelijk Werk en Dienstverlening. Daarna heb ik vier jaar voor Spirit gewerkt in de hulpverlening. Ik heb voor Spirit in Amsterdam oost, zuid, west en noord gewerkt. In de hulpverlening leer je een persoon binnen een korte tijd heel goed kennen. Een open houding is daarom belangrijk. Je vraagt heel veel van mensen. Ik laat mensen merken dat ik ook gewoon mens ben, dat ik niet altijd alles weet en dat iedereen dingen meemaakt in het leven”.

“Uit de hulpverlening haal ik een soort voldoening dat niet in geld is uit te drukken”

 

Hoe komt het dat het werken met jongeren je zo goed ligt?

“Ik heb altijd met jongeren gewerkt. Jongeren zijn gevoelig voor complimenten. Vooral jongens heb ik zien opbloeien. Als ze iets hebben bereikt, ook al zijn het kleine stappen, laat ik weten dat ze het goed doen. Je moet hiervoor geduldig zijn en het rustig aan kunnen pakken met jongeren. Veel jongeren waarmee ik heb gewerkt kwamen uit een omgeving of systeem waar onvoldoende tijd en energie in hen werd gestoken om hen aandacht en aanmoediging te bieden. Daarom is die bevestiging zo belangrijk”.

“Voorop staat dat je een vertrouwensband moet opbouwen voordat je met jongeren kan werken. Daar moet je in investeren. Gelukkig zijn er organisaties die je daar in de ruimte voor geven. Jongeren schreeuwen om complimenten en structuur. Ze willen dat je ziet wat ze doen. Aandacht is zo belangrijk, maar er moet wel een bepaalde continuïteit en oprechtheid in zitten”.

“Het moment waarop je resultaat hebt bereikt in de hulpverlening moet je het afsluiten en met een nieuw dossier beginnen. Tegenwoordig kom ik weleens oud cliënten tegen: dan hoor ik gelukkig vaak dat het goed gaat, dat ze hun dromen verwezenlijken. Sommige cliënten heb ik jaren begeleid, het doet het me goed om te horen dat het goed met ze gaat”.

“Toen ik een traject succesvol afsloot met een jongen zei hij: “Als je me ooit nodig hebt dan ben ik er voor je. Ik zeg iets positief over je tegen je baas”

“Het komt ook voor dat mensen emotioneel zijn bij het afscheid. Maar vanaf het begin maak ik altijd duidelijk dat het iets tijdelijks is. Het gaat tenslotte om het toewerken naar zelfredzaamheid”.

“Soms kiezen jongeren voor de slachtoffer positie. Die confronteer ik: bijvoorbeeld bij een jongere die aangaf dat hij het gevoel had dat hij in de gaten werd gehouden. Hij zei: “Daarom gedraag ik me zoals ik me gedraag”. “In zo’n confronterend gesprek blijf ik doorvragen, dat zijn jongeren niet gewend. Totdat hij niet meer goed kan uitleggen waarom hij zich zo voelt of waarom hij zo handelt. Zodat hij gaat nadenken over wat hij zegt”.

“Ik heb veel met jongens gewerkt. En bij Spirit ook met meiden. Ik moet eerlijk zeggen dat ik meiden een lastige doelgroep vind. Meiden zijn moeilijker te doorgronden. Wanneer je denkt dat het in de lift zit, dan komen ze opeens met hun verhaal. Meiden kosten meer energie dan jongens. Met jongens kan ik makkelijker connecten. Dat praktische wat jongens hebben, niet te moeilijk nadenken en snel handelen, dat ligt me goed. Maar ook jongens hebben behoefte aan persoonlijke aandacht”.

“Na Spirit heb ik drie jaar bij Streetcornerwork gewerkt, dit is echt het ambulante werk op straat. Je legt contact met jongeren die je tegenkomt: je biedt ze hulp bij praktische zaken, toeleiden naar instanties en het terugdringen van overlast: je bent de ogen en oren op straat. Veel mensen kunnen geen contact maken met deze doelgroep: wederom is hier geduld voor nodig. In het contact leggen moet je veel tijd investeren: soms krijg je pas na zes keer gedag zeggen een hallo terug. Op straat leer je jongeren het beste kennen, je komt verschillende typen jongeren tegen. Dichter bij de doelgroep kom je niet” En ik sta er altijd voor open om van jongeren te leren. Ik ben geen docent, het is een voortdurend leerproces, ook wederzijds.

“In mijn laatste jaar bij Streetcornerwork ben ik opgeleid op het thema radicalisering. Ik zie mezelf zeker niet als een expert op dit gebied, het is een complexe problematiek. Voor mij was de opleiding een aanvulling op mijn hulpverlener zijn, het is kennis die ik weer in mijn rugzak kan proppen”.

“Sinds kort ben ik werkzaam voor de GGD. Ik zit niet langer in de uitvoering, ik heb nu een regisserende functie. Als regisseur ben ik verantwoordelijk voor het proces om personen op een juiste manier te helpen met straf en zorg. Ik krijg nu met zwaardere dossiers te maken”.

 

Je bent ook actief als vrijwilliger?

“Ik heb naast mijn werk de afgelopen jaren veel vrijwilligerswerk gedaan. In het vrijwilligerswerk vind ik spanning en uitdaging die ik niet in het reguliere werk vind. Het geeft mij voldoening en energie. Ik ben als vrijwilliger begonnen in het onderwijs met kinderen van groep 7 en 8. Het ging om het opwaarderen van hun culturele kapitaal. Ook gaf ik thuis bij vrouwen Nederlandse les. Het eerste half uur werd altijd besteed aan eten en daarna hadden we nog een half uur om de taal te oefenen. De dankbaarheid die je krijgt voor dat werk is onbeschrijflijk. Vooral als mensen weten dat je het vrijwillig doet”.

“Anderhalf jaar geleden heb ik twee geweldige vrouwen ontmoet, gezamenlijk zijn wij projecten begonnen onder de naam “Kind en Veilig Onderwijs”. Dit project valt onder EuroMarocNed. We organiseren benefiet bijeenkomsten in Nederland voor het goede doel: het opknappen van scholen in de vergeten dorpjes in Marokko. We doen dit allemaal vrijwillig naast onze betaalde banen. Het is een bewuste keuze om je belangeloos in te zetten voor de ander of een gemeenschap. Mijn familie komt ook uit een arm gebied. Je ziet dat mensen onderwijs genieten in oude schoolgebouwen, dat is gewoon niet verantwoord. Jongeren worden ook betrokken bij de organisatie, we willen jongeren ook graag meenemen naar de dorpen om mee te helpen. Dit is goed voor de bewustwording van jongeren. Zo kunnen we ze inzicht bijbrengen: zelfs als je leven niet top gaat, je kan altijd iets doen voor een ander”.

“Bij mij komt die instelling ook vanuit huis: mijn vader weet veel, we noemen hem weleens meneer Google. En hij kan dingen heel mooi verwoorden. Ook al is zijn gezondheid niet optimaal, hij zet zich altijd in voor een ander, mensen weten hem altijd te vinden”.

“Je leert zoveel van anderen, ook over jezelf. Inmiddels heb ik een enorm netwerk, ik heb zoveel verschillende mensen leren kennen. Mijn ervaring is dat mensen graag iets willen doen maar dat ze vaak niet weten hoe ze moeten beginnen. Gewoon ergens beginnen! Van het een komt het ander”.

Klopt het dat je naast je werk nog verschillende studies volgt?

“Als het voor mij voelt als een verrijking dan ga ik ervoor. Het geloof heb ik meegekregen vanuit huis maar de verdieping heb ik zelf gekozen met extra studies. Geschiedenis was altijd mijn lievelingsvak. Iemand zei tegen mij History kun je ook lezen als “His Story”. Het hoeft niet altijd over jezelf te gaan, de ander is ook interessant. Bovendien vind ik het boeiend om mij ook in andere religies te verdiepen. Ik heb de studie Islamitische Psychologie afgerond aan Instituut Tarbiya. Het gaat over wat de Islam zegt over de psychologie. Dat komt niet altijd overeen met de westerse psychologie. Ik gebruik die kennis voor mijzelf, the best of both worlds. Momenteel volg ik een verdiepende studie over de Islam: het ontstaan van de Koran. Ook hierin worden andere religies behandeld”.

Hoe ga je om met de huidige politiek waarin de Islam vaak voorbij komt?

“Ik voel niet de behoeft om de keuze voor mijn religie uit te leggen. Mensen zijn overtuigd van hun mening net zo goed als ik zelf overtuigd ben. Ik kom die hardheid en het agressieve debat in mijn dagelijkse leven niet tegen. Ik weet dat het er is, ik weet dat het mensen pijn doet, maar ik ben positief ingesteld. Het leven heeft ook nare kanten, in mijn vak loop ik ook tegen honderden muren op”.

Wat doe je naast je werk?

“Mijn passies zijn, creëren van gezelligheid, eten, geloof, scholing, mensen! Ik vind het oprecht leuk om nieuwe mensen te leren kennen. Ik maak gemakkelijk contact en ik vraag gemakkelijk om feedback. Ik kan eigenlijk met iedereen praten, ik spreek de taal van de straat, maar ik kan ook gemakkelijk switchen”.

“En ik ben echt een buitenmens! Ik loop vaak naar mijn bestemming. Zo wandel ik rustig een uur van Zuid naar Nieuw West. Dat doe ik echt met plezier! Iedereen lacht me uit; ik heb alle mogelijke vervoermiddelen voor de deur, maar wandelen vind ik heerlijk.

Een rode draad in mijn leven is: “Datgene dat voelt als een verrijking voor jezelf moet je met beide handen grijpen”. En koffie!!!”

Overig en contactgegevens:

Jamila maakt deel uit van Collectief Vrijheidstour: www.vrijheidstour.nl

Op LinkedIn: https://www.linkedin.com/in/jamila-ait-lamkadem-8ba8054b/
Jamila is te bereiken via het NAH.

IMG_1155

Related Projects

Back to Top